Bako National Park

Foto: Stef & Carlijn

In Borneo, anderhalf uur vanaf Kuching vandaan, ligt Bako National Park. Een park dat vooral bekend staat om de neusapen die er leven. Maar met enkel en alleen dit beeld doen we Bako National Park te kort. Bergen, mangroves, duin achtige gebieden, zee,  jungle, watervallen… Bako National Park heeft het allemaal. De biodiversiteit in het National Park is zo veelzijdig dat, elke paar kilometer die je hierdoor heen loopt, je doet stoppen om al het moois in je op te nemen. Alsof je continue ogen en oren te kort komt voor alles wat je ziet en hoort. Het is Sarawak’s oudste National Park en een van de beste om wilde beesten in hun natuurlijke leefomgeving te zien. Bij elk stuk waarin jij jezelf begeeft binnen het National Park wil je je camera mee nemen, om geen moment te missen en al het moois vasts te leggen. Als je vanaf je lodge naar het restaurant loopt kom je zomaar opeens apen en wilde zwijnen tegen of zie je een prachtige zonsondergang in de verte. De apen zijn brutaal en verdedigen hun territorium. Soms willen ze mensen aanvallen of komen ze het eten van de borden stelen.  Ook in je lodge dien je alle deuren en ramen dicht te houden omdat anders de apen tussen je spullen komen snuffelen.

Foto: Stef & Carlijn

Tijdens de nightwalk die aangeboden wordt is het niet toegestaan om te hiken in het National Park. Simpelweg omdat de paden onheilspellend zijn. Je klimt en klautert jezelf continue omhoog of omlaag om bij al het moois te komen. Over honderd meter doe je soms tien minuten. Toch maakt dit de nightwalk niet minder indrukwekkend. Over het korte pad dat je loopt doe je anderhalf tot twee uur. Onderweg wijzen de rangers ons allerlei beesten aan. Giftige slangen, vogels, wandelende takken, spinnen in alle soorten en maten, vliegende LIMURs en diverse kikkers. De nightwalk kost slechts 2.25 euro (10RM) per persoon.

Foto: Stef & Carlijn

Overdag kun je op eigen houtje de vele routes te lopen die het park te bieden heeft. Zelf je route bepalen is gemakkelijk doordat er goede bewegwijzering is. Er zijn korte wandelingen van slechts een kilometer tot wandelingen van meerdere kilometers. Vertrek vooral vroeg in de ochtend (wij liepen om 7uur aan). Het is dan nog ontzettend rustig in het National Park waardoor je meer kans hebt om dieren te spotten. Daarnaast heb je de eerste uren minder last van de hitte. De Tanjun waterval is een aanrader. De weg ernaar toe is pittig en vereist een zekere mate van conditie. De 2 ½ uur dat je naar de waterval toe loopt zie je direct de grote diversiteit in het landschap zelf. Onderweg slaan we af en toe een zijweg in om naar uitkijkposten toe te lopen. Vanaf hier kijk je veelal vanaf een klif over de stranden, de Chinese zee en het weelderige groen. In verband met krokodillen is het niet toegestaan om in de zee (op welk strand dan ook binnen het National Park) te zwemmen. In de natuurlijke plassen rondom de waterval is dit wel toegestaan. De paden zijn goed aangeduid waardoor je gemakkelijk je weg vind en geen gids nodig hebt. Trek wel stevige wandelschoenen aan in verband met de paden dwars door de jungle lopen waardoor je steeds tussen de wortels van de bomen klautert.

Foto: Stef & Carlijn

Vanaf Kuching kun je de bus nemen naar Bako National Park (kosten: nog geen euro). Vanaf de laatste stop (Bako Terminal) neem je de boot naar het National Park (20 minuten varen. Kosten: 4,50 euro per persoon voor een enkeltje). Echter, zorg er wel voor dat je de boot deelt met meerdere mensen, wacht desnoods eventjes. Als je de boot niet kunt delen met meerdere mensen dan komen de kosten voor de hele boot bij jou terecht, zo rond de €20-25. Het eerste gedeelte van de boottocht is rustig,  maar na tien minuten komen we op open zee terecht en wordt Carlijn haar maag op de proef gesteld door een deinende boot over hoge golven. Vanaf de boot zie je de rotsen en de stranden van het park al liggen. Zodra je de boot afstapt sta je direct in het National Park. Er is geen dorp, alleen de lodges die het National Park aanbied. Het zijn basic accommodaties met enkel éénpersoons bedden en koud water (én geen WiFi ). Er zijn dorm rooms, familiekamers en twee persoon kamers beschikbaar. Het National Park telt een restaurant waarbij driemaal daags een kleine selectie eten aangeboden wordt. Omdat het gebied zo afgelegen ligt liggen de prijzen van het eten en drinken hier iets hoger, maar niet schrikbarend. Tel 1 euro voor een grote fles water en een paar euro meer dan op het vaste land voor elke maaltijd die je hier nuttigt.  Het is wel raadzaam, zeker in het hoogseizoen, om je overnachting op voorhand te boeken (www.sarawakforesty.com). Per bed betaal je circa 5.5 euro.

Foto: Stef & Carlijn

Tip: Wij hebben zelf brood, appels en wortels meegebracht zodat we tijdens de wandelingen konden lunchen. Brood, groenten en fruit zijn namelijk niet te koop in het National Park. Wel kun je take-away’s kopen die je dan als lunch kunt nuttigen.

Foto: Stef & Carlijn

Vanaf Kuching kun je ook een dagtrip maken naar het National Park. Echter, dan doe je jezelf daarin in onze ogen te kort. De laatste boot terug gaat al tussen 3 en 4 uur ’s middags. Een paar uur hiken door het National Park geeft je een inbeelding hoe het is, maar geeft je niet het daadwerkelijke jungle gevoel dat erbij hoort. Ondanks dat het zo dicht bij Kuching ligt, voelt het als een klein stukje onbewoonde wereld.

Geef een reactie